- 22 juni 2026
- | Bron: Projecto
Bouwunie en UNIZO tegen verbod op indicatieve levertermijnen
Organisaties waarschuwen voor onzekerheid en extra administratie

UNIZO en Bouwunie verzetten zich tegen het federale plan om indicatieve levertermijnen in consumentencontracten te verbieden. Het voorstel, gelanceerd door minister Beenders, zou maken dat richtdata zoals 'ongeveer twee maanden' als onrechtmatig worden beschouwd. Ondernemers die zo’n indicatie geven, worden dan juridisch kwetsbaar als de termijn opschuift door oorzaken buiten hun controle, met mogelijke schadeclaims tot gevolg. De organisaties vragen om het voorstel te schrappen en de huidige regeling te behouden, waarbij een rechter per geval oordeelt of een termijn redelijk werd gecommuniceerd en nageleefd.
Gevolgen voor de bouw
Volgens Bouwunie is het verbod onrealistisch voor de bouwsector, waar planningen afhangen van tal van factoren: weersomstandigheden, vergunningsprocedures, afhankelijkheden tussen (neven)aannemers en klanten die zelf werken uitvoeren. Indicatieve termijnen zijn er net om klanten realistisch en transparant te informeren, zonder de illusie van absolute zekerheid.
“Een garagist die een wagen verkoopt die nog geproduceerd moet worden, kan een realistische indicatie geven, maar bouwt die auto niet zelf. Wanneer productie of levering vertraagt, schuift de timing mee op. Dat maakt de ondernemer niet nalatig,” stelt Bart Buysse, gedelegeerd bestuurder van UNIZO.
“Onze bedrijven willen niets liever dan een perfect werfverloop, maar in de praktijk is dat quasi onmogelijk. Strengere regels leiden tot systematisch veel te ruime planningen of extra kosten om boetes te vermijden. Daar wordt niemand beter van,” zegt Twain De Hondt, directeur studiedienst van Bouwunie.
Ook andere sectoren getroffen
De organisaties wijzen erop dat het verbod bijzonder problematisch is voor ondernemers die werken met maatwerk, bestellingen op afstand of leveringen die afhangen van productie- en plaatsingsplanning. Het gaat onder meer om schrijnwerk en maatkasten, ramen en deuren, keukens en toestellen, fietsen en onderdelen en de autosector.
Geen aantoonbaar marktfalen
UNIZO en Bouwunie zien geen bewijs van marktfalen dat een algemeen verbod rechtvaardigt. Consumenten beschikken vandaag al over rechten wanneer ondernemers afspraken niet nakomen of manifest onredelijk handelen. Een generiek verbod zou vooral correcte ondernemers raken die te goeder trouw communiceren over leveringen die afhankelijk zijn van derden.
Vrees voor neveneffecten
De organisaties waarschuwen dat het voorstel zal leiden tot meer juridische voorzichtigheid: langere standaardtermijnen, extra voorbehouden in voorwaarden, meer kleine lettertjes en bijkomende administratie. Dit zou de duidelijkheid voor consumenten net verminderen en open communicatie fnuiken.
Oproep aan de regering
Bouwunie en UNIZO vragen de federale regering om het geplande verbod te schrappen en de huidige, casuïstische beoordeling te behouden. Zo kan per dossier worden ingeschat of de gecommuniceerde levertermijn redelijk en correct was, in plaats van alle indicatieve termijnen op voorhand te wantrouwen.
